Home

Welkom op de site van psychiater Frieda Matthys MD, PhD



Een afspraak maken kan onder CONTACT.


Een overzicht van haar expertise en activiteiten vindt u bij SPECIALISATIES,

 

Onder PUBLICATIES vindt u haar boeken, artikelen en presentaties.

 

Onder MEDIA staan VAD-BERICHTEN REDACTIONEEL, OPINIESTUKKEN en MEDIABERICHTGEVING





OPGEPAST MET QUARANTAINE


De psychologische effecten van quarantaine zijn vrij goed gekend :
1. De frustratie en de verveling gelieerd aan het isolement
2. Een moeilijker toegang tot materiaal, voeding en zorg (inclusief eventueel
beschermingsmateriaal)
3. Onvoldoende, onduidelijke of tegenstrijdige informatie
4. Een te lange duur van de quarantaine
5. De angst om besmet te worden of anderen te besmetten
6. Financiële tekorten: verlies van werk, bijkomende kosten en een onzeker socio-
economisch perspectief kunnen bijkomend zeer stresserend zijn, vooral voor
mensen met lage inkomens.
7. Het stigma van mogelijk besmet te zijn (geweest) dat tot uitsluiting kan leiden en
soms versterkt wordt naar bepaalde etnische groepen toe.
8. Terugkeren naar het “normale”, geeft extra stress en verloopt vaak veel
moeizamer en langzamer dan gedacht
Ook wat de overheid kan doen, is vrij goed gekend:
1. De communicatie optimaliseren: deze moet helder, eenduidig en goed
begrijpbaar zijn , ongewenste psychologische reacties niet in de hand werken en
het vertrouwen en de bereidheid tot medewerking versterken. Daarom is ze best
kort, herhaald en goed afgestemd op de verschillende groepen.
2. Contact met de naasten moet zo veel mogelijk aangemoedigd en mogelijk
gemaakt worden
3. Praktische hulp moet goed georganiseerd zijn
4. De zorgverleners die in contact komen met besmette personen, dienen goed
voor zichzelf te zorgen en het moet evident zijn dat ze zelf hulp kunnen nodig
hebben, zowel medisch, praktisch als psychologisch.

Heb je goede of slechte ervaringen met tele-consultatie, telefonisch of videobellen ?

Laat het mij weten. Wij onderzoeken het nut, de risico's en de bijwerkingen van deze behandelingsmethodes.





Naar een beter evenwicht
tussen gezondheid, economie
en psychisch welzijn



Inleiding


De COVID-19 epidemie heeft onze maatschappij dooreengeschud. Zowel het rondwarende, potentieel dodelijke virus als de maatregelen tegen de verspreiding ervan hebben sterk ingegrepen op het maatschappelijk leven én op de medische en psychosociale zorg zelf. Een epidemie met een zeer besmettelijk en relatief gevaarlijk virus, dat nieuw is en weinig bekend, noopt tot snelle en soms wat overhaaste ingrepen. Ingrepen die op hun beurt het leven van de bevolking sterk beïnvloeden.

De bevolking informeren en waarschuwen zonder een angstpsychose te induceren is er daar een van. Ook de communicatie over al deze aspecten beïnvloedt niet alleen het gedrag van de bevolking maar ook hun geestelijk welzijn. Onderzoek bij vorige crisissen heeft aangetoond dat het effect op de psychische gezondheid langdurig kan zijn.


De ziekte


De infectie op zich kan ernstige medische gevolgen hebben en ook dodelijk zijn. Dit alles veroorzaakt angst met soms irrationeel gedrag tot gevolg. Op termijn moet ook rekening gehouden worden met inflammatie en invloed op de immuniteit die schadelijk kan zijn voor het brein zelf. i

De besmettelijkheid maakt het virus tot een onzichtbare vijand waardoor alle medemensen een bedreiging kunnen zijn. Ook dit kan angstig maken en mensen emotioneel van mekaar verwijderen.

Social distancing is een ongelukkige term omdat enkel fysieke afstand vereist is en emotionele en psychische ‘nabijheid’ juist heel belangrijk blijft.

Er zijn veel onzekerheden over de aard van de ziekte, de verspreiding, de ernst, en de gevolgen ervan. Dit leidt vaak tot sterke emoties, ook bij degenen die niet in direct contact geweest zijn met de besmetting. Die psychologische factoren bepalen voor een groot deel hoe de bevolking omgaat met het gevaar van de infectie en met de opgelegde maatregelen (zoals bekend bij vaccinatie): emotionele, onredelijke reacties en defensief of onaangepast gedrag zijn mogelijk. ii

Klassieke psychologische reacties zijn onder meer een verhoogd stressniveau dat zich uit in slapeloosheid, gevoelens van angst en onveiligheid, maar ook woede, een zondebok zoeken en een verhoogde zorgvraag bij de huisarts en op de spoeddiensten. Daarnaast zien we ook vaak een sociaal isolement, toegenomen gebruik van alcoholen andere roesmiddelen en risicovol gedrag iii, familiale conflicten en geweld. Bij kinderen en jongeren manifesteert het onwel-gevoel zich eerder als gedragsstoornissen, terugtrekking of slechte schoolresultaten. Een minderheid zal een echte decompensatie doormaken zoals een depressieve, angstige of posttraumatische stressstoornis. Hier is professionele hulp noodzakelijk.

Deze effecten mogen niet onderschat worden. In een onderzoek in China in januari rapporteerden meer dan de helft van de respondenten lichte tot matige stressreacties, 29 % matige tot ernstige angstreacties en 17 % matige tot ernstige depressieve symptomen.

Vooral bij mensen met reeds aanwezige psychische kwetsbaarheid ziet men ernstiger symptomen, dit ook bij andere epidemies zoals de varkensgriep in 2009.

De meeste patiënten met een reeds bestaande psychische stoornis hebben genoeg veerkracht om deze uitdaging aan te kunnen. Ze kunnen ook kracht putten uit het ondersteunen van lotgenoten. Op termijn moet erover gewaakt worden dat zij niet over hun grenzen gaan.

Psychiaters zullen mogelijk geconfronteerd worden met een toenemend aantal crisissen bij kwetsbare patiënten, maar ze kunnen ook nieuwe aanmeldingen verwachten van mensen die lijden onder de impact van de epidemie op henzelf, hun familie en hun geliefden.


Een lockdown grijpt in op het dagelijkse leven van iedereen. Wie een potentiële bron van besmetting is, wordt echter geïsoleerd. De effecten daarvan zijn goed bestudeerd iv. (zie kader)





Overheidsmaatregelen


De maatregelen voor de brede bevolking gaan in tegen het normale sociale gedrag: fysiek afstand houden, geen handdruk, geen knuffel, zo weinig mogelijk contacten en activiteiten. De invloed op het maatschappelijk leven is enorm: geen feestjes, geen sport, noch ontspanning of uitstapjes, enkel noodzakelijke boodschappen, geen bezoekjes aan grootouders, vrienden of familie en al helemaal niet als deze ziek zijn. De invloed is ook groot op het economisch leven en op het dagelijks leven: technische werkloosheid voor meer dan 1 miljoen mensen en telewerk voor minstens evenveel. Sluiten van cafés en restaurants, speeltuinen en scholen.


Het negatieve effect van de vergrendeling en de isolatie is veel meer uitgesproken bij jonge mensenv dan bij mensen van middelbare leeftijd, wijst onderzoek uitvi . Aan jonge ouders vragen om thuis te werken en ondertussen ook voor hun jonge kinderen te zorgen en ze ook nog les te geven is een onmogelijke opgave. De sterksten slepen zich erdoor of interpreteren de regels zodat het doenbaar blijft. Wie zwakker is, met nog andere problemen kampt of juist rigoureus probeert zich aan alle regels te houden, riskeert eronderdoor te gaan.


Alleenstaanden die technisch werkloos zijn, hebben veel meer te lijden onder de lockdown dan diegenen die met een partner samenleven, tenminste als de relatie niet te conflictueus is. Voor wie alleenstaand is én een psychische kwetsbaarheid heeft, hoort isolement al veel langer bij het dagelijks leven. Deze mensen stimuleren tot meer activiteiten en contacten is vaak één van de therapeutische doelstellingen. Als alle activiteitencentra en dagbehandelingen gesloten worden, is er voor velen absoluut geen contact meer met de buitenwereld. Enkel voor wie overweg kan met de sociale media, en er ook de nodige apparatuur voor heeft, kan beeld-contact enig soelaas bieden. De maatregelen en de communicatie moeten met deze verscheidenheid rekening houden. Dat geeft de minste schade en bevordert de motivatie en de bereidheid om de regels te volgen.


Ook patiënten met psychische kwetsbaarheid waren hiervan de dupe. Vaak waren ze bang om hun therapeut nog te ontmoeten. Even vaak kregen ze de boodschap dat hun behandeling enkel telefonisch of digitaal mogelijk was of werd ze helemaal on hold gezet. Uit een bevraging van het Vlaams Patiënten Platform (VPP) vii bleek dat 60 % van de ambulante behandelingen waren opgeschort, deels op initiatief van de patiënt, deels op initiatief van de zorgverlener. De meeste patiënten hebben hier niet tegen geprotesteerd. Hoe kleiner hun zelfvertrouwen en hoe groter hun ontzag voor de therapeut, hoe minder ze protesteerden. Veel zorgverleners waren zeer enthousiast over de telefonische hulpverlening en de beeld-consultatie. Hoe zouden patiënten het lef hebben om daar niet mee akkoord te gaan?


Psychologische en psychiatrische hulpverlening is geen zorg die on hold kan gezet worden viii. Dit nu wel doen, impliceert dat de therapie eigenlijk niet echt nodig was. Het tegendeel is nochtans waar en in een periode van grote maatschappelijke onzekerheid en een algemeen verhoogd angstniveau, waarbij ook de broodnodige contacten en activiteiten gestopt worden, is juist extra ondersteuning nodig.ix

Sommigen patiënten ervoeren de boodschap: “uw behandeling wordt voorlopig opgeschort” als een afwijzing en een gebrek aan interesse. Een ervaringsdeskundige schreef me: “Wanneer men bij een psycholoog, psychiater of therapeut gaat, betaalt men voor zijn/haar tijd. Betrokkenheid is spijtig genoeg niet te koop. En laat dit nu hetgeen zijn, dat helend kan werken en ons zelfzekerheid, hoop en wilskracht geeft om onze trauma’s aan te pakken.”


De overheid heeft veel geïnvesteerd in de economische gevolgen van de lock down. Grote bedragen werden vrijgemaakt om de ondernemingen te ondersteunen. Het financiële effect op wie reeds dicht bij de armoedegrens zat, is minstens zo ingrijpend. “Ziek maakt arm en arm maakt ziek” is één van de punten uit het noodprogramma van de Staten Generaal Geestelijke gezondheidszorg. De groep die zich in deze vicieuze cirkel bevindt, is door de maatregelen sterk toegenomen. De overheid heeft slechts na lang aandringen experten op gebied van geestelijke gezondheid opgenomen in haar adviesorganen.


Communicatie


Goede communicatie is belangrijk om de bevolking enerzijds te informeren, te waarschuwen en gerust te stellen en anderzijds te motiveren om de dwingende maatregelen zo goed mogelijk toe te passen in het belang van iedereen. De communicatie over alle aspecten van een crisis beïnvloedt niet alleen het gedrag van de bevolking maar ook hun geestelijk welzijn.

De communicatie moet in de eerste plaats helder en eenduidig zijn wat vaak niet het geval was. Zo werd aanbevolen om alle niet dringende medische zorg op te schorten. Voor opvolging van patiënten moest de voorkeur gegeven worden aan telefonisch contact of beeldbellen. Daar is een goede reden voor: medische en verpleegkundige equipes en de accommodatie mogen niet overbelast worden zoals in Italië het geval was. Al vrij snel bleek dat mensen met niet epidemie-gebonden zorgvragen zich hierdoor lieten weerhouden om hulp te vragen bij pijn of andere klachten waardoor hun problematiek escaleerde en in sommige gevallen zelfs dodelijk werd. Het herroepen van de boodschap en de bevolking aanmoedigen om wel naar de huisarts of het ziekenhuis te gaan, werd weinig opgevolgd.


De communicatie moet ook zelfvertrouwen en vertrouwen in de bevolking uitstralen, moet aanzetten tot waakzaamheid maar niet tot angst, moet motiveren tot solidariteit en medewerking. Ook op dat vlak werd vaak intuïtief en niet deskundig gecommuniceerd.

De overheid heeft zich laten adviseren door experten op medisch, epidemiologisch en economisch vlak. Bij gebrek aan expertise betreffende gedrag psychologie en psychische kwetsbaarheid, doen de medische experten ook uitspraken over communicatie, gedrag en psychologie zonder veel deskundigheid.


Velen, of ze nu viroloog of epidemioloog zijn, menen intuïtief te weten wat goed is voor de bevolking en hoe ze best in de juiste richting te leiden. Het resultaat is een kakofonie met zalven en slaan, met dreigen en paaien en vooral met een gedrum van specialisten en politici om zich te profileren. De realiteit is dat er veel soorten mensen zijn die volgens bepaalde kenmerken in groepen kunnen ingedeeld worden en waarvan men het gedrag vrij goed kan voorspellen. Daar is onderzoek over en de deskundigheid is aanwezig in al onze universiteiten.


Deze crisis heeft een aantal dingen duidelijk gemaakt:

  • We hebben een kwaliteitsvolle gezondheidszorg en een performant en flexibel gezondheidssysteem.

  • We hebben een goede sociale zekerheid die zich snel kan aanpassen aan nieuwe noden

  • Een crisis kan maken dat vaste waarden op de helling komen te staan: privacy, beroepsgeheim, toegankelijkheid van de zorg, bewegingsvrijheid. De maatschappelijke discussie hierover moet nog gevoerd worden.

  • Normaal gedrag kan ineens gecriminaliseerd worden: dat jongeren rondhangen op straat is van alle tijden. Socrates heeft er zich al aan geërgerd. Het hoort bij de leeftijd en het is belangrijk in het sociaal leerproces. Op enkele weken tijd wordt het als asociaal, zelfs antisociaal gedrag beschouwd.

  • Geestelijke gezondheid wordt nog altijd als iets bijkomstig gezien waar iedereen zichzelf als expert in gedraagt.

  • Voor de meest kwetsbaren op sociaal en psychisch vlak is er niet voldoende ondersteuning voorzien; voor de consequenties van een lock down op hun situatie worden geen creatieve oplossingen gezocht en wordt er niet extra geïnvesteerd. Om de psychiatrische ziekenhuizen te behoeden voor een uitbraak van de epidemie werd elke nieuw opgenomen patiënt zeven dagen in quarantaine geplaatst. Als je in een psychische crisis zit, die zo ernstig is dat een hospitalisatie noodzakelijk is, heb je zorg, nabijheid en geruststelling nodig, geen opsluiting en isolement. Voor test- en beschermingsmateriaal kwamen de psychiatrische ziekenhuizen op de laatste plaats.

  • Voor mensen die economisch minder renderen is de zorg ook buiten een epidemie al minimaal, zelfs ondermaats (ouderen, chronisch zieken, gehandicapten, personen met een psychiatrische problematiek). Het personeel is krap berekend. Er is geen ruimte om crisissen of een verhoogde zorgnood op te vangen.


Deze epidemie heeft veel effect gehad op diverse aspecten van de samenleving. Onderzoek bij vorige crisissen, heeft aangetoond dat de invloed op de psychische gezondheid langdurig kan zijn x: tot jaren nadien wordt een toename gezien in de prevalentie van angst, depressie en suïcide. Verder onderzoek is nodig xi en wordt ook wereldwijd opgezet.



Welke conclusies kunnen we trekken ?


De zwakke plekken in ons systeem moeten dringend geanalyseerd worden. We willen allemaal de beste zorg voor onze ouders, grootouders of kwetsbare familieleden. De zorg voor bejaarden, gehandicapten, lichamelijk en psychisch kwetsbaren moet versterkt worden en de zorgverleners beter vergoed. Een consistente versterking is vereist, niet alleen in tijden van crisis. De organisatie van deze zorg moet herdacht worden, in samenspraak met de gebruikers van de zorg om een flexibeler antwoord te kunnen bieden bij een nieuwe crisis. Voor de zorgverleners is overigens meer nodig dan een applaus. Velen zijn overbelast met kans op langdurige gevolgen.

Jongeren zijn minder kwetsbaar gebleken voor deze epidemie zelf, maar zijn extra kwetsbaar voor de maatregelen om ze te beteugelen 5. Hen activiteiten en contacten ontnemen is ingrijpend in hun ontwikkeling. We willen allemaal de beste opvang en de beste opleiding voor onze kinderen. Dan zal, rekening houdend met het virus, ook daar moeten geïnvesteerd worden in accommodatie en in leerkrachten.

Communicatie is iets dat je ook best aan specialisten overlaat. De Veiligheidsraad kan zich daarom in gans het traject best laten adviseren - niet alleen door virologen, epidemiologen en economen - maar ook door psychologen, sociologen en psychiaters. Zij kunnen aangeven hoe de bevolking het best wordt aangesproken, wat er nodig is om de schade bij de verschillende doelgroepen zo beperkt mogelijk te houden en waar er geïnvesteerd moet worden om de negatieve effecten op het psychisch welzijn te verhelpen.

Sommige ervaringen kunnen na de crisis verder positief benut worden. Zo is het belangrijk om het effect van telewerk, digitaal vergaderen, telefonische opvolging van chronische aandoeningen en beeldconsultatie te evalueren niet alleen op gebied van kostprijs, mobiliteit en ecologie, maar vooral wat effectiviteit en levenskwaliteit betreft. Dit is een ideale situatie om goed onderzoek op te zetten.


Elke versoepelings- en steunmaatregel in het kader van de epidemie wordt nu door de overheid afgetoetst aan de economische gevolgen. Even belangrijk zal het zijn om de consequenties voor de verschillende bevolkingsgroepen in te schatten; en niet alleen op financieel vlak. Wie wordt er beter van en wie wordt er slechter van. De economie wordt massaal ondersteund om de verliezen van ondernemingen en van werknemers te compenseren. De economische gevolgen zullen nog jaren voelbaar blijven; daarom zal investeren belangrijk zijn. Maar investeren in de economie heeft enkel zin in een proces dat de levenskwaliteit van de burgers verhoogt. Psychisch welzijn is een belangrijk aspect van die levenskwaliteit. Een goed draaiende economie kan daarbij helpen als middel, niet als doel op zich. Geestelijke gezondheidszorg is een ander middel. De overbelasting en de schade op gebied van de geestelijke gezondheid zullen immers ook nog jaren voelbaar blijven. Gezien de lange wachttijden door de onderinvestering die er al voor de coronaepidemie in de GGZ waren, kan deze crisis misschien een aanleiding zijn voor een inhaalbeweging met een consistente, structurele versterking van het aanbod.




11 juni 2020

Prof. Dr. Frieda Matthys,

Departement psychiatrie en medische psychologie




i Gaurav Das , Nabanita Mukherjee , Surajit Ghosh , Neurological Insights of COVID-19 Pandemic , ACS Chem Neurosci . 2020 May 6;11(9):1206-1209. doi: 10.1021/acschemneuro.0c00201.

Sarah L Hagerty Leanne M Williams The Impact Of Covid-19 On Mental Health: The Interactive Roles Of Brain Biotypes And Human Connection Brain Behav Immun Health, 2020 May7;100078. doi: 10.1016/j.bbih.2020.100078

ii W Cullen, G Gulati and B D Kellyh, Mental health in the Covid-19 pandemic, QJM. 2020 Mar 30 : hcaa110. doi: 10.1093/qjmed/hcaa110

iii Nathalie Vanderbruggen , Frieda Matthys ,, Sven Van Laere , Dieter Zeeuws , Liesbeth Santermans , Seline Van den Ameele ,, Cleo L. Crunelle , Self-reported alcohol, nicotine and cannabis use during COVID-19 lockdown measures; results from a web-based survey, EAR, submitted


iv Samantha K Brooks, Rebecca K Webster, Louise E Smith, Lisa Woodland, Simon Wessely, Neil Greenberg, Gideon James Rubin, The psychological impact of quarantine and how to reduce it: rapid review of the evidence, Lancet 2020; 395: 912–20


v Vincent Lorant, Pierre Smith, Kris Van den Broeck, Pablo Nicaise , Effects of confinement measures related to the covid-19 pandemic on psychological distress, submitted.


vi Ines Keygnaert & Prof. Christophe Vandeviver, Studie naar Relaties , Stress en Agressie gedurende Covid 19 in België, UGent , rapport van 1 mei 2020.


vii Vlaams Patiëntenplatform vzw, Wordt zorg bij personen met een chronische aandoening uitgesteld wegens het coronavirus COVID-19?, Heverlee, april 2020


viii Percudani M, Corradin M, Moreno M, Indelicato A, Vita A. Psychiatry Res, Mental Health Services in Lombardy During COVID-19 Outbreak , 2020 Jun;288:112980. doi: 10.1016/j.psychres.2020.112980..

ix Yu-Tao Xiang1, Yan-Jie Zhao1,Zi-Han Liu1, Xiao-Hong , Na Zhao1, Teris Cheung, Chee H Ng, The COVID-19 outbreak and psychiatric hospitals in China: managing challenges through mental health service reform, Int. J. Biol. Sci. 2020; 16(10): 1741-1744. doi: 10.7150/ijbs.45072


x Ivan Wing Chit Mak et al, Long-term psychiatric morbidities among SARS survivors, Gen Hosp Psychiatry. 2009 July-August; 31(4): 318–326


xi Holmes et al., Multidisciplinary research priorities for the COVID-19 pandemic: a call for action for mental health science, Lancet Psychiatry, 2020 Jun;7(6):547-560. doi: 10.1016/S2215-0366(20)30168-1.


This website uses cookies. By continuing to use this site, you accept our use of cookies.

Accept